“Gebarentaal” is op een bepaald moment uitgevonden.

Net zoals gesproken talen niet op een bepaald moment door iemand bedacht werden, zijn ook gebarentalen niet uitgevonden. Gebarentalen zijn zoals de meeste gesproken talen “natuurlijke talen”, ze zijn spontaan ontstaan en gegroeid uit en doorheen menselijke contacten. De meeste talen zijn gewoon ontstaan omdat mensen met elkaar wilden communiceren. In het begin zal die communicatie wel beperkt zijn geweest en dus de talen ook, maar ze hebben zich ontwikkeld en zijn in de loop der eeuwen meer en meer gegroeid. Ook gebarentalen zijn spontaan ontstaan, gewoon omdat mensen met elkaar wilden communiceren. Er is dus niet iemand geweest die “gebarentaal” heeft uitgevonden. We nemen aan dat gebarentalen zijn ontstaan uit de onderlinge contacten van groepen dove personen maar hoe en op welk moment de verschillende gebarentalen zijn ontstaan, is niet altijd duidelijk, net zoals het niet altijd duidelijk is hoe en wanneer gesproken talen zijn ontstaan.

In de geschiedenis van verschillende gebarentalen spelen dovenscholen een belangrijke rol. Vanaf de tweede helft van de achttiende eeuw zijn er scholen waar dove kinderen samenkomen en met elkaar communiceren door middel van gebaren (zie Geschiedenis Onderwijs). Dit betekent niet dat er voor die tijd helemaal geen gebaren werden gebruikt. Ook voor de tweede helft van de achttiende eeuw waren er zeker dove mensen die onderling (en misschien ook wel met hun horende omgeving) op een visueel-gestuele manier communiceerden. Ongetwijfeld zullen er ook wel dove mensen geweest zijn die zo geïsoleerd leefden dat ze met niemand communiceerden. Maar omdat dove mensen niet geregeld in een grotere groep samenkwamen, hadden kleine groepjes of zelfs individuele dove personen elk een eigen communicatievorm zonder dat er een echte gebarentaal ontstond die van generatie op generatie doorgegeven werd. Door het ontstaan van de dovenscholen kwam hierin verandering. Misschien wel voor het eerst in de geschiedenis werden grotere groepen dove jongeren samengebracht en kon een gemeenschappelijke communicatievorm, een echte gebarentaal, ontstaan en zich met de tijd ontwikkelen.

Omdat de dovenscholen belangrijk zijn geweest voor de ontwikkeling van gebarentalen en omdat priester Charles-Michel De L’Epée (waarschijnlijk) als eerste een (openbare) school voor dove kinderen startte (zie Geschiedenis Onderwijs), wordt soms wel eens gedacht dat hij “gebarentaal” heeft uitgevonden. Dat is dus niet waar. Gebarentalen zijn natuurlijke talen en natuurlijke talen ontstaan spontaan uit de contacten tussen mensen. Doordat hij als eerste een openbare school voor dove kinderen stichtte, heeft hij wel het proces waaruit de Oud-Franse Gebarentaal ontstaan is, gefaciliteerd. Door het samenbrengen van dove kinderen (van verschillende leeftijden en zelfs generaties) heeft de Oud-Franse Gebarentaal zich immers kunnen ontwikkelen.