In een gebarentaal kan je niet over alles praten, enkel over meer concrete zaken.

Mensen die geen gebarentaal kennen, denken wel eens dat gebaren altijd “vormnabootsend” moeten zijn en omdat abstracte dingen zoals “hoop” of “filosofie” of “succes” geen fysieke vorm hebben, denken ze dan dat er voor deze begrippen geen gebaren zouden (kunnen) bestaan. Dat is niet zo. In gebarentalen kan je over alles praten, over alles wat je voelt, ziet, denkt of wil. Je kan dus ook over abstracte zaken praten. Het is weliswaar zo dat er in elke gebarentaal gebaren zijn waarbij er een gemotiveerde relatie is tussen de vorm en de betekenis van het gebaar. Bij het Vlaamse gebaar KOE bijvoorbeeld, verwijst de vorm van het gebaar naar de horens van een koe. Maar niet alle gebaren zijn gemotiveerd; bij vele gebaren is er geen enkel verband tussen vorm en betekenis bijvoorbeeld APPEL. Ook voor “vormloze” dingen zijn er gebaren en de gebruikers van een gebarentaal kunnen dus ook over niet-concrete concepten communiceren, zoals duidelijk blijkt uit deze teksten.

Wel is het zo dat heel wat gebarentalen zeker tot aan het begin van de jaren 1960 ondergewaardeerd en vaak ook onderdrukt werden. Dit heeft sporen nagelaten. Zo heeft het feit dat de Vlaamse Gebarentaal tot nog niet lang geleden helemaal niet werd gebruikt in het onderwijs, in het economische leven, aan de universiteit, in de media,… tot gevolg dat er momenteel nog “gaten” zitten in de woordenschat van de taal. Omdat Vlaamse Gebarentaal bijvoorbeeld nog steeds weinig wordt gebruikt in het hoger onderwijs en omdat er ook nog niet zoveel hooggeschoolde dove gebarentaligen zijn, wordt in de Vlaamse Gebarentaal bijna nooit over bijvoorbeeld theoretische economische modellen gepraat of over biosystemen. Daarom zijn er voor heel veel begrippen die je eigenlijk nodig hebt om over die onderwerpen te praten bijna geen gebaren. Maar elke natuurlijke taal verandert en in elke taal komen er nieuwe woorden of gebaren bij. Zelfs nog maar dertig jaar geleden bestonden de woorden “facebook” of “klimaat-neutraal” ook niet in het Nederlands, maar door onder andere ontleningen uit een andere taal (zoals het Engels in het geval van “facebook”) en woordvormingsprocessen zoals samenstellingen (“klimaat” + “neutraal”) komen er nieuwe woorden of gebaren bij in een taal.

Bovendien is het ook niet zo dat je helemaal niet over bepaalde zaken, begrippen,… kan communiceren omdat er daarvoor (nog) geen gebaren zijn. Ook als je het woord “kam” niet kent, kan je het hebben over “dat voorwerp met tandjes dat je gebruikt om je haren te fatsoeneren”. Het is met andere woorden altijd mogelijk om een voorwerp, een begrip,… te omschrijven of om bijvoorbeeld het Nederlandse woord voor een voorwerp, begrip,… te vingerspellen (zie …).